scholing en training van medewerkers – nu is het er wel. Langs deze wegen tillen we ons van het niveau van een ‘kleine club’ naar dat van een middelgrote organisatie. 3.3 Risicomanagement Voor een goed doel zonder overheidssubsidie en weinig inkomsten van bedrijven en fondsen, is de hoeksteen van risicomanagement uiteraard de ontwikkeling van de inkomsten. Die worden in Nederland elke maand geanalyseerd door het Management Team (MT), dat drie maal per jaar ook een voorspelling doet over de te verwachten inkomsten en uitgaven in de rest van het jaar. Als die niet blijken te verlopen volgens de begroting, wordt er ingegrepen. Bijvoorbeeld door te bezuinigen op campagnes of communicatie. De inkomsten uit Fondsenwerving beslaan zo’n 95 % van het totaal, dus het is van belang om de risico’s meer te spreiden. Het streven is dat straks de individuele donaties drie kwart van onze inkomsten vormen en dat we een kwart halen uit institutionele bijdragen. We zijn dus bezig met een zoektocht naar nieuwe bronnen, diversificatie. Denk daarbij aan potjes van de EU, de Nederlandse overheid, fondsen en bedrijven. Uiteraard moeten zulke organisaties gescreend worden, tegen het licht gehouden voor wat betreft hun maatschappelijk verantwoord ondernemen. Wat de bewaking van de inkomsten betreft, is er weinig verschil tussen Nederland en internationaal. Ook op dat niveau worden maandelijks alle cijfers opgeteld en geanalyseerd. Als er sprake is van tegenvallers, buigt het Global Leadership Team (GLT) zich erover en dat kan leiden tot snijden in de uitgaven. Een ander denkbaar risico zit aan de uitgavenkant: medewerkers in de eigen organisatie of lokale partners 26 - jaarverslag 2013 die het geld dat ze van ons ontvangen voor andere zaken zouden gebruiken dan voor onze doelstelling. Om dat tegen te gaan werken we internationaal met onafhankelijke Audits en accountants, kennen we Raden van Toezicht, wordt er door het regiokantoor toezicht gehouden op de landenkantoren en gelden er ook op het niveau van die kantoren heldere en scherpe financiële protocollen. Zo mag in Den Haag geen enkele medewerker op eigen houtje uitgaven doen van meer dan duizend euro. Kortom: we hebben een stevig stelsel van checks and balances. Je kunt nooit iets voor honderd procent zeker uitsluiten, maar tot nu toe is WSPA Nederland niet geconfronteerd geweest met gevallen van fraude. Internationaal worden mogelijke risico’s, ook binnen de landenkantoren waaronder ook ons kantoor, in kaart gebracht. Elk mogelijk risico krijgt twee scores. Een voor de kans dat een situatie zich voordoet en een voor de impact die dat dan zou hebben voor WSPA. Dit zijn scores van 1 tot 5, die vervolgens met elkaar worden vermenigvuldigd. Zo wordt een rangorde gemaakt, zodat vervolgens prioriteit kan worden gegeven aan de belangrijkste risico’s. 3.4 Het meten van effecten Meting van de effecten van ons werk is voor WSPA van groot belang. Het geld dat anderen ons geven, willen en moeten we besteden op een manier die een zo groot mogelijk positief verschil maakt in het leven van een zo groot mogelijk aantal dieren. Dat gezegd hebbende, is het meten van het effect van onze hulp op individuele dierenlevens vaak uitermate moeilijk. Wat was er gebeurd als we niks hadden gedaan? Dat is de vraag die voor nauwkeurige impactmeting een antwoord verlangt. Terwijl we Pagina 25

Pagina 27

Voor drukwerk, online archief en uitgaven zie het Online Touch CMS beheersysteem systeem. Met de mogelijkheid voor een online shop in uw boeken.

WSPA Jaarverslag 2013 Lees publicatie 1Home


You need flash player to view this online publication